Het is zo'n 4-5 uur rijden naar Debark, een klein stadje in de Simien Mountains. Het lokale hotel is zeer eenvoudig, met een gemeenschappelijke douche en wc, maar ik voel me er beter op mijn gemak dan in de poenerige nepkitsch van de dag ervoor. Die dag is er markt in Debark, voor de lunch gaan we die even verkennen. Al snel heb ik mijn persoonlijke gids: een klein jongetje die me alles aanwijst, zelfs de meest voor de hand liggende dingen. "Kijk, een kip. Kijk, uien. Kijk, kleding!" Goedbedoeld, maar veel heb je er niet aan...

Na de prima lunch maken we een indrukwekkende wandeling door de Simien Mountains. We eten 's avonds weer in het hotel, en na het eten komen er opeens een mesinkospeler en een accordeonist binnenvallen, die het gezelschap op geheel eigen manier bezingen. Een van de locals gaat helemaal uit zijn dak en spoort de muzikanten vol vuur aan. Deze "Charlie Chaplin" (zijn bijnaam) kent slechts 1 Engels woord: "Titanic", een film die voordat hij in het land te zien was al legendarisch was omdat heel Ethiopië overstroomd was door t-shirts en andere goodies van Titanic.

Met een jongen uit het dorp, die goed Engels spreekt, en 2 anderen uit de groep maken we een soort van kroegentocht door het dorpje. Verbazingwekkend hoeveel kroegjes er blijken te zijn: piepkleine zaaltjes waar we zonder uitzondering vol belangstelling aangestaard worden door de locale bevolking. We nemen onze eigen muziek mee: de 2 muzikanten uit het hotel lopen ons overal achterna.

De volgende dag gaan we verder naar Axum.