Onderweg naar Gondar stoppen we in een dorpje waar markt is. De markt is nog vrij klein. Als westerling word je constant omgeven door kinderen die van alles van je willen hebben, hun Engels willen oefenen, of gewoon erg nieuwsgierig zijn. Ik haal mijn memorecordertje uit mijn tas. Kinderen omzwermen me, en kijken met grote verbaasde ogen naar dat ding waar hun eigen stemmen uitkomen. In het gedrang valt mijn zonnebril op de grond, maar een van de kinderen pakt deze op en geeft hem terug aan mij. Later bleek wel dat uit iemands tas fotorolletjes en zonnebrandcreme gejat waren. 2 dingen waar de gemiddelde Ethiopiër echt helemaal niks mee kan...

In Gondar aangekomen blijkt dat er in het Circle Hotel weer een dubbele boeking is geweest. Een reservering betekent hier soms niets meer dan de aankondiging dat je er aan komt. We gaan van hotel naar hotel maar alles is vol. Uiteindelijk komen we bij het Goha Hotel, de absolute top in Gondar, zowel qua locatie als qua prijs: alles straalt poeningheid uit, en de locatie is erg mooi.

We gebruiken er de lunch die op zich erg goed smaakt, maar we krijgen wel weer een mooi staaltje te zien van Ethiopische inefficiëntie. De ober rent zenuwachtig heen en weer door de zaal, terwijl we de enige gasten zijn. Hoofdgerechten arriveren eerder dan voorgerechten, en bestellingen worden vergeten. En zelfs hier is de schaarste merkbaar, de ober moet regelmatig nee verkopen. Er zijn zelfs geen bananen. Terwijl daar toch geen gebrek aan is in Ethiopië.

's Middags gaan we het kasteel van Fasilades bezoeken. Daarna de kerk van Selassie, maar omdat ik erg moe ben, sla ik dat over. In plaats daarvan ga ik de stad Gondar kort verkennen. De volgende dag naar Debark.